ZAANDAM/AKERSLOOT - Molenmakers stonden er vroeger om bekend dat ze van aanpakken wisten. Een molen die niet draaide, leverde niets op. Tijd was ook toen al geld. De molenmakers van nu zitten ook bepaald niet stil. In Zaandam werd in negen maanden tijd meelmolen De Oude Knegt compleet herbouwd en vervolgens op transport gesteld naar zijn definitieve plek in Akersloot. Daar wordt momenteel druk gewerkt om de molen draaivaardig te maken.
Twee jaar geleden maakte op oudejaarsnacht een verdwaalde vuurpijl een einde aan De Oude Knegt. De pijl trof de rieten kap waarna de molen vrijwel tot de grond toe afbrandde. Het toeval wilde dat dezelfde molen zo’n 25 jaar geleden op instorten stond en in 1980 werd herbouwd door Nico Maas en Gerrit Smit van molenmakerij Saandijck.
De beide eigenaren van de molenmakerij besloten vorig jaar nogmaals een serieuze poging te doen om de molen te herbouwen door scherp in te tekenen bij de aanbesteding van de stichting Uitgeester en Akersloter Molens, eigenaar van de verbrande meelmolen. De secuur bewaarde tekeningen en begroting van destijds bewezen daarbij goede diensten. De molenmakerij kwam met de scherpste prijs uit de bus en kreeg de klus.
Laatste kunststukje
Voor Smit en Maas werd het hun laatste kunststukje. De beide molenmakers worden dit jaar 65 en vinden na bijna een halve eeuw in het molenvak de tijd gekomen om de boel over te dragen aan de jongere garde. Vanaf september wordt de molenmakerij Saandijck onder dezelfde naam voortgezet als een zelfstandige ‘poot’ van restauratiebedrijf Somass uit Wormer. Om de benodigde vakkennis van het specifieke beroep over te dragen zijn Fred Havik en Ron Blonk, werknemers van Somass, al sinds 1996 in de leer bij Maas en Smit.
Na veel onderhoud- en restauratiewerk aan molens was het voor Havik en Blonk de allereerste keer dat zij een complete molen, inclusief het binnenwerk, van de grond af aan opbouwen. ‘Een prachtklus’, aldus de twee. ,,Veel passen en meten. Er is niks haaks.”
Grondzeiler
De Oude Knegt is een zogenoemde ‘grondzeiler’, een molen zonder stelling, met een vlucht van negentien meter. De molen, die in Akersloot op de nog bestaande fundamenten is gezet, is een replica van de molen die in 1817 van Uitgeest naar Akersloot werd overgebracht. Bij de herbouw in 1980 werden de afmetingen gebaseerd op de opmetingen van het restant van de molen, terwijl voor de ontbrekende maten gebruik werd gemaakt van oude foto’s. Als leidraad daarbij diende de molenbouw, zoals deze gebruikelijk was in de Zaanstreek.
Sinds eind vorig jaar is aan de wederopbouw van de molen gewerkt. De eiken kap, inclusief vangbalk, kreeg gestalte in de werkplaats van de molenmakerij aan de Lagedijk te Zaandijk en in maart werd de bedrijvigheid verplaatst naar een deel van het terrein van kraanbedrijf J. Schol op de Hemmes. Een passende locatie, want zo’n dikke eeuw geleden was het schiereiland de Hemmes een waar molenparadijs met een dozijn volop in bedrijf zijnde industriemolens. Op het terrein verrees in enkele maanden tijd het ruim acht meter hoge achtkantige molenlijf, bestaande uit vier gebinten met massieve stijlen, legeringen, korbelen en toognagels. Het houten geraamte met zijn kruisverbanden tussen de stijlen oogde als een ingewikkeld spinnenweb.
Geheel volgens aloude traditie komt er bij het bouwen van een molen geen spijker te pas. De gehele constructie wordt verankerd via zogeheten toognagels, bestaande uit eikenhouten pennen van circa een duim doorsnede die de pen- en gatverbindingen in elkaar trekken. Volgens Fred Havik laat de werkwijze zich het best vergelijken met een blokkendoos. ,,Alles kan weer simpel uit elkaar worden gehaald en ergens anders worden opgebouwd.”
Twee ton riet
Wekenlang zijn rietdekkers in de weer geweest om het molenlijf te bedekken met een dikke laag riet. ,,Dat is een vak apart. Daar wagen wij ons niet aan”, aldus molenmaker Nico Maas. ,,Elke bos riet wordt vastgebonden met geteerd touw. En dan te bedenken dat de rietlaag minstens 25 centimeter dik is. Er gaan 17 bossen in een vierkante meter, het lijf telt 140 vierkante meter en de kap 60 vierkante meter. Reken maar uit hoeveel bossen dat zijn. Ik denk dat er in totaal zo’n twee ton riet is verwerkt.” Volgens het bestek gaat het om eerste kwaliteit hard en fijn Kalenbergs riet dat strak gebonden dient te worden met driedraads geteerd touw en een kleine steek.
Nico Maas weet waarover hij praat. Het is wat je noemt een oude rot in het vak. Op zijn veertiende ging hij aan de slag bij de toenmalige molenmakerij van Husslage en inmiddels zit hij meer dan een halve eeuw in het vak. Samen met Gerrit Smit richtte hij 28 jaar geleden Molenmakerij Saendijck op.
Wie de beide molenaars om tekst en uitleg vroeg over de vorderingen van de bouw van De Oude Knegt werd al snel overstelpt met vaktermen en ander cryptisch jargon. Neem bijvoorbeeld de roede van bijna 19 meter lengte die ze onder handen hadden om te worden ‘opgetafeld’. Voor alle duidelijkheid vertelde Maas nog maar eens even dat geen molenmaker het woord ‘wieken’ in zijn mond neemt. ,,In molenaarstermen is een wiek een end. Een molen heeft dus vier enden en die enden zijn bevestigd aan twee roeden.”
Terug naar het ‘optafelen’. Dat houdt in dat de kale roede wordt voorzien van een houten hekwerk waarop de zeilen worden vastgemaakt. Dat hekwerk, vastgezet met hekkenwiggetjes, is een op het oog ingewikkeld samenspel van latten. Gesneden koek voor Maas. ,,Het bestaat uit hekkens en uit drie achterzomen, een voorzoom, bordschrootjes en borden. En dan nog de slinkklampen, de korte klampen en de kieft om de zeilen vast te zetten.” Het is maar dat je het weet.
Hijswerk
Op dinsdag 19 augustus was het werk in Zaandam gedaan. Molenlijf, roeden en kap werden door een forse kraan op een ponton gehesen en maandag 25 augustus naar Akersloot overgebracht. Daar wachtte opnieuw het nodige hijswerk om de molenonderdelen op hun definitieve plek te zetten. Momenteel wordt De Oude Knegt door de molenmakers ‘draaivaardig’ gemaakt, hetgeen inhoudt dat de wieken draaien en de koningsspil in werking wordt gesteld. Als laatste is het binnenwerk aan de beurt met het aanbrengen van de twee koppels kantstenen, de meelkuipen, de meelbakken en alles wat bij een complete meelmolen komt kijken. Die onderdelen worden de komende maanden in de molenmakerij te Zaandijk op maat gemaakt. En in mei 2004, tijdens de nationale molendag, zal het publiek voor het eerst kunnen zien hoe meel wordt gemalen in de uit zijn as herrezen Oude Knegt, want het is wel degelijk de opzet dat de molen volwaardig meel gaat malen voor bakkers in de omgeving.
(Dit verhaal van Peter Roggeveen is eind 2003 in Dagblad Zaanstreek gepubliceerd.)